6 - 13 maart 2003
Na een lange reis met 1 trein, 1 tuk-tuk, 6 bussen en 1 veerboot zijn we dan toch in Georgetown op het eiland Penang in Maleisie aangekomen. Omdat we in Thailand de lokale minibusjesmaffia wilden ontlopen, zijn we met lokaal vervoer gereisd (en dat hebben we geweten).
Anyway, we hebben in korte tijd al heel wat van Maleisie gezien. De eerste indruk is dat het het welvarendste land is waar we tot nu toe geweest zijn (na Hong Kong).
Georgetown is een mooie mix van Indiase hindoes, Chinezen en heel veel moslims. We hebben weer leuke herkenbare dingen gezien: regen, een file, bordjes met 'nasi goreng'. Het Maleis lijkt veel op het Indonesisch en omdat we de letters kunnen lezen, krijgen we er iets van mee: teksi, stesyen, farmasi, jeti. Het doet ons een beetje aan pidgin denken, kunnen we vast wennen voor Hawaii.
Na 2 bijzonder hete en tropisch vochtige dagen is het onderweg naar KL gelukkig enorm gaan regenen. Toen we de bus (zo luxe dat er maar 3 stoelen naast elkaar konden) uitkwamen was het mooi een stuk afgekoeld. Dat kwam goed uit want we moesten met de rugzakjes op zoeken naar een betaalbare dump om in te slapen. Gelukkig kwamen we 3 hoog achter in ChinaTown terecht, midden in het bruisende hart van de stad. Het contrast was groot toen we de volgende ochtend naar de Petronas (Twin) Towers, de hoogste wolkenkrabbers ter wereld, liepen door het hypermoderne zakencentrum. In KL valt veel te genieten van hoge uitzichten, goed gevulde shopping malls en veel parken.
Nog een dagje een uitstapje gemaakt naar Melakka, waar we het 'Stadthuys' bewonderd hebben en waar Nederlandse grafzerken uit 1600 in de kerk liggen (we zijn dus niet de eerste Nederlandse toeristen die hier komen). Meteen ook het zuidelijkste punt van onze Azie-reis, en dat is te merken aan de korte schaduwen. Het wordt tijd om naar het strand te gaan....